Het
internationale ministerie "Licht voor de Naties" Presenteert : Een Openbaring van de hemel aan 7 jongeren . (Wegens
de opnamen waar wij van vertaald hebben, werden er slechts 6 getuigenissen
opgeschreven)
Bezoek aan Hemel
Jezus
(Eerste
Getuigenis) van Esau
Het Woord van God zegt in 2 Korintiërs 12:2:" Ik ken een mens in
Christus, voor veertien jaren (of het geschied zij in het lichaam, weet ik niet, of buiten het
lichaam, weet ik niet, God
weet het), dat de zodanige opgetrokken
is geweest tot in den derden hemel;
Wij waren in de
kamer, toen wij de eerste ervaring hadden. En de kamer begon zich opnieuw te
vullen met een licht van de aanwezigheid van De Heer. Het was heel krachtig en
verlichte de volledige kamer. De kamer was vol van Zijn glorie en het was zo
mooi om bij Hem te zijn. Jezus vertelde aan ons,
"Mijn zonen, nu zal ik jullie Mijn Koninkrijk tonen, wij zullen naar mijn
Glorie gaan."
Toen namen wij
onmiddellijk elkaars handen, en wij begonnen omhoog te gaan. Ik keek naar
beneden, en ik merkte op dat wij uit onze eigen lichamen gingen. Op het moment
dat wij onze lichamen verlieten werden wij gekleed met witte klederen en wij
begonnen omhoog te gaan met
een zeer hoge snelheid.
Wij kwamen aan
voor een paar deuren, die de ingang van het Koninkrijk
der Hemelen waren. Wij waren allemaal verbaasd door wat er met ons gebeurde.
Dankbaar dat Jezus de Zoon van God daar met ons samen was, en met twee engelen
die elk vier vleugels hadden.
De engelen
begonnen tot ons te spreken, maar wij begrepen niet wat zij zeiden. Hun taal
was zeer verschillend dan die van ons, ook was het niet zoals onze talen die
wij op de aarde spreken. Deze engelen verwelkomden ons, en openden toen die
immense deuren.
Wij gingen naar
binnen en wij zagen een wonderlijke plaats. Wij zagen verschillende dingen, en
ik herinner me dat zodra wij er binnen kwamen, en een perfecte vrede onze harten vulde. De
Bijbel vertelt ons dat God ons een vrede geeft die alle menselijk begrippen te
boven zal gaan. (Filp 4:7)
Het eerste ding
dat ik zag was een hert, en ik vroeg één
van mijn vrienden, "Sandra, kijk je naar het zelfde ding waar ik naar kijk?" Zij was niet meer aan het huilen en
schreeuwen, zoals toen wij in de Hel waren.
Zij glimlachte
en vertelde me: "Ja Esau, ik kijk naar een hert!"
Met die woorden
kon ik checken en mijzelf verzekeren, dat alles echt was. Wij waren werkelijk
in het Koninkrijk van de Hemel en alle verschrikkingen die wij in de Hel gezien
hadden waren onmiddellijk vergeten.
Wij waren in die
plaats aan het genieten van de Glorie van God. Wij kwamen op de plaats aan waar
dat hert was. Achter dat hert stond een boom en deze boom was kolossaal! Het
was in het centrum van het paradijs.
De Bijbels vertelt ons in Openbaringen 2:7 Die oren heeft, die hore
wat de Geest tot de Gemeenten zegt. Die overwint, Ik zal hem geven te
eten van den boom des levens, die in het midden van het paradijs Gods is.
Deze boom is een
symbool van Jezus omdat Christus het Eeuwige Leven is. Achter die boom was een
rivier van kristalhelder water dat zo helder en mooi was, zoals wij nog nooit
eerder op de aarde hadden gezien.
Wij wilden enkel maar in die plaats blijven.
Wij zeiden steeds tot De Heer, " Heer alstublieft! Neem ons niet weg van
deze plaats! Wij willen hier voor altijd zijn! Wij willen niet naar de Aarde
teruggaan!" De Heer antwoordde ons, "het is noodzakelijk dat jullie
teruggaan om van alle dingen getuigenis te geven die ik heb voorbereid voor degene die van
Mij houden omdat ik zeer spoedig terugkom en mijn beloning is met Mij."
Toen wij die rivier zagen, haasten wij ons daar al rennend heen, en gingen
binnenin de rivier.
Wij herinnerden
ons het Schriftgedeelte dat zegt, “Dat diegene die in De Heer geloven: vanuit
hun buik zullen rivieren van levend water stromen. (Johannes 7:38)
Het water van deze rivier scheen leven in zichzelf te hebben dus
dompelden wij ons daar helemaal in.
Wij konden zowel
binnenin het water als buiten het water, op dezelfde manier, normaal ademen.
Die rivier was zeer diep en er waren vissen van veel verschillende kleuren
daarin aan het zwemmen. Het licht binnenin de rivier en buiten de rivier was
normaal omdat wij zagen
dat in elk deel van de Hemel het licht niet uit een specifieke bron kwam, alles
was helder verlicht.
De Bijbel
vertelt ons dat De Here Jezus het licht van die stad is.
Terwijl wij die
vissen in onze handen, en uit het water namen, zagen wij dat zij niet stierven
zodat wij naar De Heer liepen en aan Hem vroegen waarom. De Heer glimlachte en
antwoordde dat er in de hemel geen dood meer is, geen verdriet meer, en geen
meer pijn is. (Openbaring 21:4).
Wij verlieten de
rivier en begonnen te rennen naar elke plaats omdat wij alles aan wilden
aanraken en ervaren.
Wij wilden alles mee naar huis nemen omdat wij helemaal verbaasd waren over de
dingen die wij in de Hemel zagen.
Zij kunnen
eenvoudigweg niet correct met woorden worden uitgelegd.
De Apostel
Paulus, zei toen hij naar de Hemel werd mee genomen, dat hij de dingen die hij
zag, nooit met woorden kon verklaren (2 Kor.12:2-4), omdat de grootheid van dingen die in het Koninkrijk van de Hemel
zijn dingen die bijna op geen enkele manier te beschrijven zijn(2
Kor.12:2-4).. Wij kwamen toen op een zeer grote plaats
aan; een zeer wonderbare en mooie plaats.
Deze plaats was
vol van kostbare stenen: goud, smaragden, robijnen en diamanten.
De vloer was gemaakt van zuiver goud. Daarna
gingen wij naar een plaats waar er drie zeer grote boeken waren.
De eerste van
hen was een Bijbel die van goud was gemaakt. Het woord van God vertelt ons in
het boek van de Psalmen dat het Woord van God eeuwig is en dat het Woord van
God voor altijd in de Hemel blijft (Ps.119:89). Wat
wij aan het bekijken waren was een reusachtige gouden Bijbel; de bladzijden, de
woorden, alles was gemaakt van zuiver goud. Het tweede boek dat wij zagen was
groter dan de Bijbel.
Dit Boek werd
geopend en een engel zat daar te schrijven met een pen aan de binnenkant van
het Boek.
Samen met De
Heer Jezus kwamen wij dichterbij om te zien wat de engel aan het schrijven was
en wij zagen dat de engel alles op schreef wat er op de aarde gebeurden. Alles wat
gedaan wordt; met inbegrip van de datum, het uur, alles wordt daar
geregistreerd. Dit wordt gedaan zodat het Woord van De Heer kan worden
vervuld waar het zegt dat de Boeken
werden geopend, en dat
de mensen op de Aarde volgens hun werken werden beoordeeld
volgens hun werken die in die Boeken waren geschreven. De engel schreef alle
dingen op die de mensen hier op aarde deden, goed of slecht, zoals het
geschreven staat (in Openbaring 20:12-15).. Wij gingen verder naar de plaats waar
het derde boek was en het was zelfs nog groter dan het laatste boek!
Dit boek was gesloten, maar wij kwamen dichter bij het boek en
alle zeven samen namen het Boek van zijn standaard volgens het bevel van De
Heer, en wij lieten het Boek rustten op een pilaar. De pilaren van de kolommen
in de hemel zijn zo prachtig!! Zij worden niet gemaakt
zoals die op de aarde. Deze kolommen waren als een vlecht en waren gemaakt van
verschillende kostbare stenen. Sommige werden gemaakt van diamanten, anderen
waren gemaakt van zuivere smaragden, anderen waren gemaakt van zuiver goud, en
anderen waren gemaakt van een combinatie van vele verschillend
typen stenen. Op dat ogenblik, kon ik werkelijk begrijpen dat de God werkelijk
de eigenaar van alle dingen is.
Alle goud en het
zilver, zegt hij, het "Goud is van Mij, en het zilver is van Mij." Daar
begreep ik dat de God absoluut rijk is en Hij alle rijkdom in de wereld bezit.
Ik begreep ook daar dat de wereld en al zijn volheid enkel tot onze God
behoren.
Ik realiseerde me ook dat hij het aan al
degenen wil geven wie in geloof vragen. De Heer zei, "Vraag Me en ik zal u
de naties geven als een erfenis" (Psalm 2:8). Dit
boek dat wij op die kolom lieten staan was zo groot dat als je van de éne
pagina naar de andere wilde gaan, wij met elke pagina naar de andere kant van
het Boek moesten meelopen.
Wij probeerden
te lezen wat er in dat Boek stond geschreven omdat De Heer ons vroeg om eruit
te lezen. In het begin, was het moeilijk te lezen omdat het in vreemde tekens
was geschreven die wij niet konden begrijpen.
Het was verschillend van elke andere taal op
de aarde; het was iets totaal hemels. Met behulp van de Heilige Geest, werd ons
genade gegeven om het te begrijpen. Het was alsof een band van onze ogen werd verwijderd
en toen konden wij begrijpen wat er geschreven stond; wij konden het net zo duidelijk
begrijpen alsof het onze eigen taal was.
Wij konden zien dat al onze zeven namen
in dat boek waren geschreven. Zoals de Heer ons vertelde was dit:”Het Boek des
Levens”. Wij merkten op, dat die
geschreven namen anders waren dan de namen zoals wij op de aarde gebruiken,
deze namen waren nieuw, zodat het Woord van God kan worden vervuld, wanneer het zegt dat Hij ons een
nieuwe naam zou geven, die niemand anders weet dan de persoon die het ontvangt (Openbaring 2:17). Wij konden onze namen ook uitspreken,
maar zodra De Heer ons terug naar de aarde bracht werden die namen uit ons
geheugen en onze harten gewist. Het Woord van God is eeuwig, en het zal vervuld
worden.
Mijn vrienden,
de Bijbel zegt, "laat niet iemand uw kroon nemen, laat u niet van die
plaats beroven of verwijderen die de Vader reeds voor
u heeft." (Openbaring 3:11).
In de
Hemel, zijn er miljoenen dingen die wonderbaar zijn en die wij niet met onze
monden kunnen uitdrukken, maar ik wil u iets vertellen,
"God wacht op u!" Hoewel het alleen zo is, dat hij die tot het einde
volhardt, gered zal worden!
(Tweede
Getuigenis)
Ariël
Toen wij omhoog
begonnen te gaan naar het Koninkrijk van de Hemel, kwamen wij aan op een mooie
plaats, waar er kostbare deuren waren. Daar voor die deuren waren twee engelen.
Zij begonnen te spreken, maar die samenspraak was engelachtig en wij konden
niet begrijpen wat zij zeiden, maar door de Heilige Geest konden wij het
begrijpen. Wat zij deden, was ons welkom heten.
De Heer Jezus
zette Zijn handen op de deuren, en toen openden zij.
Als Jezus niet
bij ons was geweest, hadden wij nooit de Hemel kunnen binnengaan. Wij begonnen
alles te waarderen wat in die plaats was. Wij zagen een kolossale boom die daar
was. De Bijbel beschrijft deze boom als " de Boom des Levens".
Wij gingen naar
een rivier, en wij zagen dat binnenin die rivier er heel veel vissen waren.
Alles was zo
verbazingwekkend dat mijn vrienden en ik besloten in het water te gaan en wij
begonnen onder dat water te zwemmen. Wij zagen de vissen bewegen van de ene
plaats naar de andere, en zij streelden onze lichamen.
Zij zwommen niet
van ons af, zoals dat normaal op de aarde gebeurt. De aanwezigheid van De Heer
gaf al de vissen rust en vertrouwen om dicht bij ons te komen omdat zij wisten
dat wij hen geen kwaad zouden doen.
Ik werd zo
gezegend en verwonderde me dat ik één van deze vissen met mijn handen uit het
water nam; Wat zo verbazend was, is dat de vis zeer stil was, en genoot van de
aanwezigheid van De Heer, zelfs in mijn handen. Ik zette de vis terug in het water en ik kon in de verte zien dat er ook witte paarden in die plaats
waren zoals het geschreven staat in het woord van God in het boek Openbaringen 19:11.
En ik zag den hemel
geopend; en ziet, een wit paard, en Die op hetzelve zat, was genaamd Getrouw en
Waarachtig, en Hij oordeelt en voert krijg in gerechtigheid.
Die paarden
waren de paarden die De Heer zal gebruiken wanneer Hij naar de Aarde komt om
Zijn mensen, Zijn kerk, met hem mee te nemen. Ik liep naar de paarden en begon
hen te aaien, en De Heer volgde me. Hij stond me toe om één van die paarden te
berijden en toen ik begon te rijden op dat paard, begon ik om iets te voelen
dat ik nooit eerder op de aarde gevoeld had.
Ik begon de vrede, de vrijheid, de liefde, de
heiligheid te ervaren die een persoon in die mooie plaats kan hebben. Ik begon
te genieten van alles van wat ik met mijn ogen kon zien. Ik wilde gewoon van
alles genieten in dat mooie paradijs dat De Heer voor ons heeft bereid.
Wij konden ook
die tafel van het huwelijksbanket zien die al was klaargemaakt. (Op.19:9).
Het heeft geen
begin en geen eind.
Wij zagen de
stoelen die bestemd waren voor ons en wij zagen ook de kronen van het eeuwige
leven die klaar staan om door ons te worden genomen. Wij zagen ook het
heerlijke voedsel dat al klaar stond, voor allen die uitgenodigd zullen worden
voor het Huwelijk van het
Lam.
Sommige engelachtige wezens waren daar, met witte stoffen om de
mantels voor te bereiden die De Heer voor ons aan het klaar maken is. Ik stond
verbaasd te kijken naar al deze dingen.
Het Woord van God vertelt ons dat wij het Koninkrijk van God
moeten ontvangen zoals de kleine kinderen dat doen (Matt.18:3). Toen wij in die plaats waren, waren wij als kinderen. Wij
begonnen om van alles te genieten dat in die plaats was; de bloemen, de
woningen... De Heer stond ons toe om die woningen binnen te gaan. Op dat
moment, stond God ons toe om naar een plaats te gaan waar veel kinderen waren.
De Heer was in het midden van hen en Hij begon met hen te spelen.
Hij zorgde
ervoor om genoeg tijd met elk van hen door te brengen en Hij genoot om met hen
te zijn. Wij kwamen dicht bij De Heer en vroegen hem, " Heer zijn dit de
kinderen die geboren zullen worden op de aarde?".
De Heer
antwoordde, "Nee, deze kinderen zijn degenen die op de Aarde zijn
geaborteerd ". Dit
horende, schudde ik, omdat ik iets van binnen voelde dat me deed schudden.
Onmiddellijk herinnerde Ik iets dat ik in mijn verleden had gedaan toen ik De
Heer niet kende.
In die tijd, had
ik een verhouding met een vrouw, en zij werd zwanger.
Toen zij me
vertelde dat zij zwanger was, wist ik niet wat ik moest doen en vroeg haar voor
wat tijd om een besluit te nemen. De tijd ging voorbij, en toen ik naar haar
toe ging om haar van mijn besluit te vertellen was het al te laat omdat zij reeds een abortus had gehad.
Dat markeerde
mijn leven.
Zelfs nadat ik De Heer in mijn hart had
aangenomen, was die abortus iets dat ik mijzelf niet kon vergeven. Maar God zou
iets doen die dag. Hij stond me toe om die plaats binnen te gaan en vertelde
me, "Ariel, zie je dat meisje dat daar is?
Dat meisje is je dochter ". Toen hij me
dat vertelde, en ik het meisje begon te zien, voelde Ik hoe de wond die ik lange
tijd in mijn ziel had begon te genezen. De Heer stond me toe om dicht naar haar
toe te lopen en het meisje kwam dicht bij mij. Ik kon haar in mijn armen nemen
en zag haar ogen en ik kon van haar lippen één woord horen, "Papa".
Ik begreep en ik voelde dat God genade had en me vergeven had, maar ik moest
leren om mezelf te vergeven.
Beste vriend die dit leest, ik wil u één ding
vertellen. God heeft al uw zonden vergeven, nu moet u leren om te vergeven. Ik
geef dank aan God die mij toestaat om deze getuigenis
met elk van u te delen. " Heer Jezus Christus Ik geef
U alle eer en glorie!" omdat deze getuigenis van De Here is. De Heer stond
ons toe om deze openbaring te ontvangen. Ik hoop dat een ieder van onze
broeders die deze verklaring leest ook de zegen van deze openbaring zal
ontvangen en het zal nemen om veel andere mensen te zegenen. God zegene u.
(Derde
Getuigenis)
" Opbaringen 21:4 En God zal alle tranen van hun ogen afwissen;
en de dood zal niet meer zijn; noch rouw, noch gekrijt, noch moeite zal meer
zijn; want de eerste dingen zijn weggegaan.
Toen wij
aankwamen, werden deze grote deuren geopend en ik ik begon een dal vol met bloemen te zien. De bloemen
waren prachtig en hun geur was uitzonderlijk lekker. Wij begonnen te lopen en
ervoeren een totale vrijheid die wij nooit op de aarde hadden gevoeld.
Wij voelden een
vrede die onze harten vulde en terwijl wij keken naar de bloemen merkten wij op dat zij
uniek waren; elk bloemblaadje was verschillend, echt, en had een unieke kleur.
Binnenin mijn hart, sprak ik tot mijn Heer dat ik een bloem wilde hebben zoals
een van die. De Heer
gaf een uitdrukking van akkoord op zijn gezicht en ik kwam dicht bij de bloem
en begon eraan te trekken.
Er gebeurde
niets, en ik kon de bloem niet uit de grond krijgen. Ik kon zelfs de
bloemblaadjes en de bladeren van de bloem er niet aftrekken. Toen verbrak De
Heer de stilte en zei, "hier moet alles in liefde worden
gedaan."
Hij raakte de
bloem enkel even aan en de bloem gaf zich zelf over in de hand van De Heer.
Toen gaf Hij het
aan ons. Wij bleven wandelen, en de geur van de bloemen was nog steeds met ons.
Wij kwamen aan
bij een plaats aan waar een paar hele mooie deuren
waren.
Deze deuren
waren niet eenvoudig, zij waren zeer sierlijk in hun vakmanschap en er waren
kostbare stenen ingelegd.
De deuren
openden en wij gingen een kamer binnen waar vele mensen waren. Iedereen rende
heen en weer en ze waren bezig met het maken van voorbereidingen. Sommigen van
hen droegen rollen van witte glanzende
stof over hun schouders, anderen droegen klossen van goud draad, en anderen
pakten wat op borden leek met iets als schilden aan de binnenkant, maar iedereen
liep met gedrevenheid.
Wij vroegen De
Heer waarom er zo veel gedrevenheid en haast was. De Heer gebood een jonge man
om dichterbij te komen, die een rol stof op zijn schouders had. Hij kwam, en
keek eerbiedig naar De Heer.
Toen De Heer hem
vroeg waarom hij die rol met stof droeg, keek hij naar De Heer en zei, "
Heer u weet wat deze rol stof voor is! Deze stof wordt gebruikt om de klederen
voor de verlosten mee te maken, de klederen voor de
grote Bruid." Toen we dit hoorden, voelden wij een grote vreugde en vrede.
Openbaringen 19:8 en haar is gegeven zich
met blinkend en smetteloos fijn linnen te kleden, want dit fijne linnen zijn de
rechtvaardige daden der heiligen.
Toen wij uit die
plaats kwamen voelden wij zelfs nog meer vrede, omdat het mooi was om te zien
dat De Heer zelf zoiets prachtigs voor ons maakte. Hij heeft de plaats
en de tijd voor u omdat u belangrijk voor Hem bent. Toen wij uit die plaats
kwamen, keken we naar alles wat we zagen; elk detail in Hemel. Het is alsof elk
ding leven in zichzelf had, en elk voorwerp dat daar was gaf glorie aan God.
Daarna kwamen we op een
plaats waar miljoenen en miljoenen kinderen van alle leeftijden waren.
Toen zij De Heer zagen, wilde ze Hem allemaal omarmen om meer van Zijn liefde
te voelen omdat Hij hun hartstocht was. Jezus, was de passie van elk kind dat
in die plaats was. Wij voelden of wij zouden moeten huilen na het zien hoe De
Heer elk van deze kinderen vertroetelde, hoe hij hen kuste en hun handen
streelde. Wij zagen hoe engelen dicht bij De Heer kwamen en baby’s naar Hem
brachten die in linnen waren gewikkeld.
De Heer streelde, raakte hen
aan, en gaf hen een kus op hun voorhoofden en toen namen de engelen hen weer
met zich mee.
Wij vroegen
aan De Heer waarom er daar zo veel kinderen waren, en of die kinderen naar de
aarde zouden worden teruggestuurd. De Heer klonk geraakt voor een ogenblik, en Hij zei, "Nee,
deze kinderen zullen niet teruggezonden worden naar de aarde!
Dit zijn degenen die op de
aarde zijn geaborteerd, waarvan de ouders willen hen niet hebben.
Dit zijn mijn kinderen, en ik
hou van hen." Ik knikte met mijn hoofd, en zelfs mijn stem beefde om De
Heer een dergelijke vraag te stellen. Toen ik De Heer niet kende, of het ware Leven dat Hij is,
maakte ik fouten en zondigde, net als de rest van de mensen. Onder die zonden
was een abortus, en er was een moment waar ik van aangezicht
tot aangezicht met De Heer moest zijn en vroeg hem, "Heer, is de baby die
ik lang geleden heb geaborteerd, ook hier,?". Ja antwoordde De Heer,
"
Ik bleef lopen aan één van de
kanten, en ik zag een mooie kleine jongen en dicht bij zijn voeten bevond zich
een engel.
De engel keek naar De Heer,
en de jongen stond met zijn rug naar ons toe .
Op dat ogenblik, vertelde De
Heer me, "Kijk, dat is uw jongen." Ik wilde hem
zien, en rende naar hem toe, maar de engel hield me eenvoudig met zijn hand
tegen. Hij toonde me dat ik eerst naar de jongen moest luisteren en toen begon
ik te horen wat de
kleine aan het zeggen was. Hij was aan het praten terwijl hij in de richting van
de andere kinderen keek en vroeg aan de engel l, " Komen mijn papa en mijn mama hier spoedig?".
De engel, keek naar me, en
antwoordde hem, ",
Ja, je papa en je mama staan op het punt te komen."
Ik weet niet waarom ik het
voorrecht had gekregen om deze woorden te horen, maar in mijn hart wist ik dat
deze woorden de beste cadeau was, dat de Heer me kon
geven. Deze kleine sprak niet
met woede, of pijn, misschien wetende dat wij hem niet geboren
hadden laten worden. Hij wachtte eenvoudig met de liefde die God in zijn hart
had geplaatst.
Wij bleven lopen maar ondanks
dat wij verder gingen, hield ik een kleine foto in mijn hart van die jongen, en
ik weet dat ik elke dag een inspanning moet leveren om op een dag met hem te
kunnen zijn. Ik heb één reden meer om daar heen te gaan, omdat er al iemand op me
wacht in het Koninkrijk van de Hemel. Het Woord van God vertelt ons in Jesaja 65:19, "En Ik zal Mij verheugen over Jeruzalem, en
vrolijk zijn over Mijn volk; en in haar
zal niet meer gehoord worden de stem der wening, noch
de stem des geschreeuws. ."
Wij kwamen aan
in een plaats met wat heuvels en de Here Jezus kwam dansende. Voor hem was een
menigte van mensen gekleed in witte klederen en zij hieven hun handen op met
groene olijftakken. Toen zij met de takken in de lucht wuifden, kwam er olie
uit vandaan. God heeft grote dingen voor u voorbereid! Nu is het de tijd, vóór
u, om uw hart voor Hem open te zetten. God zegene u.
(Vierde
Getuigenis)
In het Koninkrijk van de
Hemel, zagen wij prachtige dingen zoals het in het Woord van God in 1 Corinthiërs 2:9 geschreven staat:
, "Maar gelijk geschreven is: Hetgeen het oog
niet heeft gezien, en het oor niet heeft
gehoord, en in het hart des mensen niet is opgeklommen, het geen God bereid heeft dien, die
Hem liefhebben.
Toen wij bij het
Koninkrijk van Hemel aankwamen, was het zo spectaculair en wonderbaar, om zo
veel dingen te zien; zoveel grote dingen, en om de glorie van De Heer te
voelen. Toen wij daar kwamen, zagen wij dat de plaats zo speciaal was; een
plaats met heel veel kinderen. Wij kunnen rustig zeggen dat daar miljoenen
kinderen in die plaats zijn.
Wij zagen dat er
kinderen van verschillende leeftijden waren en de hemel in secties was
verdeeld. Wij zagen één of ander soort babyhuis waar jonge kinderen van 2..3 en 4 jaar oud ondergebracht waren. Wij merkten ook dat
de kinderen in het koninkrijk van de Hemel groeiden en dat er ook een school
was waar de kinderen het Woord van God werd onderwezen.
De leraren zijn de engelen. Zij leerden de kinderen de aanbiddings
liederen, om De Heer Jezus te verheerlijken.
Toen De Heer daar aankwam, konden wij de immense vreugde van onze
Koning zien. Ook al konden wij Zijn gezicht niet zien, konden wij wel zijn
glimlach zien, die de volledige plaats vulde, en toen hij aankwam, renden alle
kinderen naar hem! In het midden van al die kinderen konden wij Maria, de
aardse moeder van De Heer Jezus-Christus zien. Zij was een mooie vrouw.
Wij zagen haar
niet op een troon en er was ook niemand die haar aanbad. Zij was daar gelijk
aan de andere vrouwen in de hemel. Net zoals alle andere mensen op de aarde
moest zij ook gered worden. Zij had een wit kleed en een gouden riem rond haar taille.
Zij had haar op
het niveau van haar taille. Wij hebben naar vele mensen geluisterd op de aarde
die Maria als moeder van Jezus aanbaden maar ik wil u vertellen dat het Woord
van God zegt, "Ik ben de weg, de waarheid, en het leven, niemand komt tot
de Vader dan door Mij""(Joh.14:6). De enige ingang tot het Koninkrijk van
de Hemel is Jezus van Nazareth.
Wij merkten ook
op dat in deze plaats geen Zon of Maan was, en het Woord van God vertelt ons in
Openbaringen
22:5
" En er zal geen nacht meer zijn en zij
hebben geen licht van een lamp of licht der zon van node,
want de Here God zal hen verlichten en zij zullen als koningen heersen in alle
eeuwigheden.
Wij konden de
glorie van God zien, en als wij het al moeilijk vonden om de verschrikkingen te
verklaren die wij in de hel zagen, is het zelfs moeilijker om te proberende de
hemelse dingen die wij zagen en de perfectie van onze Maker uit te leggen. Toen
wij in die plaats waren, was het enige wat wij wilden doen was, rennen en
rennen, om alle dingen te kunnen zien die daar waren.
Wij konden op
het gras gaan liggen, en wij konden de glorie van God voelen.
Dat zachte
fluiten; die zachte wind die onze gezichten streelde... het was iets
wonderbaars. In het midden van de hemel konden wij een kolossaal kruis zien dat
van zuiver goud was gemaakt maar wij geloven en zijn ervan overtuigd dat dit
geen symbool van afgoderij was, maar meer een symbool dat door de dood van
Jezus aan het kruis wij ingang hebben tot het Koninkrijk van de Hemel.
Wij bleven lopen in de
hemel en het was iets fascinerends om met De Heer Jezus-Christus te lopen. Daar
konden wij zeker weten, wie de God is die wij dienen... Jezus van Nazareth.
De meeste van ons denken wel eens dat daar boven een God is die
enkel zit te wachten op ons om een zonde te begaan, om ons dan te straffen en
ons naar de hel te sturen, maar dat is geen werkelijkheid.
Wij konden het
andere gezicht van Jezus zien, de Jezus die een vriend is; een
Jezus die huilt wanneer u huilt.
Jezus, is een
God van liefde, met bewogenheid en genade; die Jezus neemt ons in Zijn handen
om ons te helpen om op de weg van redding verder te gaan. De Heer Jezus stond
ons ook toe om een persoon van de Bijbel te ontmoeten.
Wij konden
Koning David ontmoeten, de Koning David
waar het Woord van God
over spreekt. Hij was een knappe man. Hij was lang, en zijn
gezicht weerspiegelde de Glorie van God.
De gehele tijd
dat wij in het Koninkrijk van de Hemel waren, was het enige ding dat Koning
David deed dansen, dansen,
dansen en al glorie en eer aan God
geven. Ik wil degene die vandaag dit getuigenis lezen vertellen dat het Woord van God ons in Openbaringen 21:27 vertelt: " En in haar zal niets onreins binnenkomen, en niemand, die gruwel en
leugen doet, maar alleen zij, die geschreven zijn in het boek des levens van
het Lam..
En ik wil u ook
vertellen dat slechts de braven beslag leggen op het
Koninkrijk van de Hemel. God zegene u.

(Vijfde
getuigenis)
2 Corinthiërs
5:10 "Want wij allen moeten geopenbaard worden
voor den rechterstoel van Christus,
opdat een iegelijk wegdrage,
hetgeen door het lichaam geschiedt, naardat hij gedaan
heeft, hetzij goed, hetzij kwaad. ".
Toen wij daar in het
Koninkrijk van de Hemel waren, konden wij het Nieuwe Jeruzalem zien waarover de
Bijbel ons vertelt in Johannes 14:2,
" In het huis Mijns Vaders
zijn vele woningen; anderszins zo zou Ik het u gezegd hebben; Ik ga heen om u plaats te
bereiden. ."
Wij konden de
stad zien en gingen naar binnen; het is een echte, en prachtige stad! Jezus ging daar heen om een plaats voor ons te bereiden. Wij
waren daar om die stad binnen te gaan en wij konden zien, dat er op elk van
deze woonplaatsen of huizen een naam geschreven stond op de voorkant van het
huis; de naam die behoord toe tot de eigenaar van dat huis.
Deze stad wordt
nog niet bewoond, maar het is al klaar voor ons. Wij konden de huizen binnen
gaan en alle dingen van binnen zien, maar toen wij van de stad uitgingen
vergaten wij de
dingen die wij gezien hadden.
Deze dingen waren uit ons
geheugen weggehaald. Hoewel wij ons wel herinneren dat de kolommen van deze
huizen bedekt waren met kostbare metalen en met vele verschillende
kostbare stenen zijn ingelegd.
Zij hebben ook zuiver goud in
hen. Het goud van deze stad is als die de Bijbel beschrijft; het is bijna
transparant. Het is zo glanzend, het goud dat wij op aarde hebben gezien, kan
niet in glans en schoonheid worden vergeleken met het goud dat in de Hemel is.
Hierna, werden wij mee genomen naar een plaats
waar er rijen met containers waren. Binnenin deze containers waren gekristalliseerde
tranen. Deze tranen waren gevallen van de zonen Gods op de aarde.
Maar het waren geen tranen
van jammer klachten, maar het waren tranen van mensen die in de aanwezigheid
van God waren geweest; tranen van bekering, tranen van dankbaarheid. God
bewaart deze tranen als een kostbare schat in de Hemel, precies zoals het in Psalm 56:8, "Mijn
omzwerving hebt Gij te boek gesteld, doe mijn tranen
in uw kruik; zijn zij niet in uw boek? "
Wij kwamen ook
in een plaats waar vele vele engelen waren. Alhoewel
wij in de gehele Hemel vele verschillende soorten engelen konden zien, had deze
plaats enkel één speciaal type. Wij zagen dat Jezus, een specifieke engel voor
elk persoon heeft.
Hij toonde ons
ook dat deze engel dicht bij ons zal zijn gedurende ons hele leven.
Hij stelde ons
voor aan de engelen die elk van ons heeft, en wij zagen hun kenmerken, maar God
vertelde ons dat wij deze dingen niet aan anderen mogen openbaren.
Wij lezen in Psalm 91:11,
" want Hij zal aangaande u zijn engelen gebieden, dat zij u behoeden
op al uw wegen;".
Wij kwamen toen in een andere plaats waar heel
veel kluisjes waren, in die kluisjes waren vele verschillende soorten bloemen.
Er waren sommige bloemen die open en mooi waren. Zij straalden. Er waren andere
bloemen die een beetje mismoedig waren. Ondertussen, schenen anderen
verschrompeld te zijn. Toen vroegen wij Jezus wat de betekenis van al die bloemen waren?
Hij antwoordde
ons door te zeggen, "het is omdat het leven van elk van u, is als één van
deze bloemen."
Hij nam één van
die bloemen die stralend was en zei, "Deze bloem toont de conditie van de
gemeenschap die u met Mij hebt."
Hij liet de
bloem daar en nam een andere die te neer geslagen was, en vertelde me,
"kijk, deze persoon is te neer geslagen, omdat hij op de proef gesteld
wordt, of in moeilijkheden is.
Er is iets in
dit leven die de gemeenschap met Mij heeft onderbroken, weet je wat Ik doe met
deze bloemen als zij te neer geslagen zijn, om hen stralend en opnieuw gezond
te maken?"
Hij nam toen de
bloem in Zijn hand en zei, "Ik giet mijn tranen over hen uit, en ik richt
hen op." Wij zagen hoe op een krachtige manier deze bloem opnieuw het
leven terug kreeg, en zijn kleuren begonnen weer terug te komen. Daarna nam Hij
één van de verschrompelde, wierp Hij deze in het vuur, en zei, " Kijk,
deze persoon heeft Mij gekend, en is van Mij weggelopen. Nu sterft hij zonder
Mij en wordt in het vuur geworpen."
Toen wij van die
plaats uitgingen, konden wij daar een mooi paleis zien. Wij zagen dat paleis op
zeer grote afstand, en wij merkten iets bijzonders op. Niemand durfde om dicht
bij dat paleis te komen, en wij geloven dat dit is waar de schriften het over
hebben in Openbaringen
22:1
, "En hij toonde mij een zuivere rivier van het
water des levens, klaar als kristal,
voortkomende uit den troon Gods, en des Lams.".
Wij geloven dat het paleis waarschijnlijk op
de plaats staat,
waar de aanwezigheid en de troon van God is. Terwijl wij deze ervaring in het
Koninkrijk van de Hemel hadden, hadden wij zo veel vreugde in onze harten, wij
hadden zo’n vrede, die alle begrippen te boven gaat.
Wij begrepen zoals het in 1 Petrus 1:4
staat geschreven,
"Tot een onverderfelijke, en onbevlekkelijke,
en onverwelkelijke erfenis, die in de hemelen bewaard is voor u.

(Zesde
getuigenis)
Luke 22:30 "opdat gij aan mijn tafel eet en
drinkt in mijn Koninkrijk. En gij zult zitten op
tronen om de twaalf stammen Israëls te richten.."
In die
wonderbare plaats, stond God ons toe, om de mooiste ontvangstzaal te zien,
waarvan we nooit hadden gedacht dat zo iets in welk deel van het heelal ook,
kon bestaan. In
die plaats, zagen wij een gigantische troon, met twee stoelen in zuiver goud en
kostbare stenen die niet, in enige plaats van onze planeet bestaat. Voor die
gigantische troon stond een tafel die geen einde had.
Op de tafel was een wit tafelkleed. Het was zo
wit dat wij het niet konden vergelijken met iets dat op de aarde is. Alle
verschillende soorten van uitstekende en zuiver voedsel was op de tafel
geplaatst. Wij zagen druiven die de grootte hadden van een sinaasappel.
En De Heer JezusChristus liet ons proeven van sommige druiven.
Tot op de dag van vandaag kunnen wij hun smaak nog steeds herinneren! Het is zo
iets wonderbaars! Mijn broer en vriend, u kunt zich niet alle dingen
voorstellen die in het Koninkrijk van de Hemel klaar staan en welke God reeds voor u voorbereid heeft.
Ook, op die tafel, stond God ons toe om het brood, " Het
Manna" te zien.
Dit was het
brood van God waarover de Bijbel ons verteld. Wij konden ook van het proeven
genieten, en ook genoten wij van vele wonderbare dingen die niet eens op onze
planeet bestaan. Deze dingen wachten op ons als een onbederfelijke erfenis in
het Koninkrijk van de Hemel. Wij zullen van verbazingwekkende volmaakte, en
heerlijk voedsel genieten als wij het koninkrijk van de hemel beërven.
Iets wat ons ook verbaasde waren de stoelen
die aan beide kanten van de tafel waren geplaatst.
Op een ieder van
deze mooie stoelen waren namen geschreven.
Wij konden onze namen op die stoelen duidelijk lezen, maar onze
namen waren niet het zelfde die wij hier op de aarde hebben. Het waren onze
nieuwe namen die niemand anders kenden dan wijzelf.
Iets dat ons ook verraste was wat hierover in het Woord van God
staat geschreven, " Verheugt u niet dat demonen zich aan u onderwerpen,
verheugt u omdat uw namen in het Boek des Leven zijn geschreven, dat in de
Hemel is (Luk.10:20).
Er waren heel wat stoelen!
Er is genoeg
ruimte voor elk van hen die in het Koninkrijk van de Hemel willen komen. Er
waren ook stoelen die van de tafel werden weggehaald. Dat betekent dat er
mannen en vrouwen zijn die het dienen van God te vermoeiend vonden, en hun
namen werden gewist uit het Boek des Levens en zij werden uitgesloten van het
Huwelijksmaal van het Lam.
God stond ons ook toe om mensen van de Bijbel te zien. De
wonderbare karakters waar over wij in de Bijbel kunnen
lezen. Één van die karakters die ons verrasten was Abraham. Abraham was een
ouder, maar niet in zijn lichaam of zijn verschijning. Hij was ouder door de
wijsheid die hij had. Het haar van Abraham was totaal wit, maar elk van de
haren was als glasgloeidraden of diamantgloeidraden. Wat ons het meest verraste
was dat hij nog jonger was dan wij zijn. In de Hemel, zullen wij allemaal
verjongen en jong zijn. Wij werden ook verrast door zijn woorden. Abraham
vertelde ons iets dat wij nooit zullen vergeten. Hij heette ons welkom in het
Koninkrijk van de Hemel en vertelde dat ook wij spoedig in die plaats zouden
zijn, omdat de komst van De Heer Jezus- Christus op de aarde snel nadert.